De EUREGIO wordt groener

ENSCHEDE/GRONAU/SAERBECK, 19 mei 2014 – Het project  “KlimaEnergie” van de EUREGIO, de EnergieAgentur.NRW en de Nederlandse organisaties “Natuur en Milieu Overijssel” en “Gelderse Natuur en Milieu Federatie” nodigden vrijdag j.l. Duitse en Nederlandse vertegenwoordigers van de energiebranche uit voor een excursie naar de energieautarke gemeente Saerbeck. Tijdens een rondleiding door het Bio-Energiepark wisselden ongeveer 100 deelnemers met elkaar van gedachten en werden zij geïnformeerd over de mogelijkheden van het klimaatvriendelijk winnen van energie.

De lidstaten van de Europese Unie (EU) willen de klimaatverandering tegengaan. Gezamenlijk hebben zij doelen opgesteld om de uitstoot van schadelijke broeikasgassen te verminderen en het aandeel van duurzame energie te verhogen. “Omdat zowel Duitsland als ook Nederland voor dezelfde opgave wat betreft een transitie naar duurzame energie staan, is een grensoverschrijdende uitwisseling nuttig,” legt Frank Muthing, projectleider van het project KlimaEnergie 2020, uit. “De excursie naar de energieautarke gemeente Saerbeck geeft de Nederlandse deelnemers de gelegenheid de uitvoering van het CO2-neutraal winnen van energie in het buurland beter te leren kennen”, aldus Muthing. Maar ook de Duitse deelnemers kregen meer inzicht door de gesprekken en discussies met de Nederlandse experts. Verschillen tussen de Duitse en Nederlandse energieconcepten zijn duidelijk te herkennen.

Verschillende energieconcepten
Duitsland zet wat betreft de transitie naar duurzame energie meer in op het opwekken van energie uit zon, water en wind. Voor Nederland daarentegen biomasse bijzonder interessant, omdat de infrastructuur door de grote beschikbaarheid van aardgas al op gasenergie gericht is. “In Nederland wordt ongeveer 85 procent van de duurzame energie uit biomassa, in Duitsland ligt dit op slechts 70 procent” licht Muthing toe. Bovendien zijn de Nederlanders op energiebesparing gericht, bijvoorbeeld in gebouwen door isolatie of nieuwe installatietechnieken. “Juist omdat de energieconcepten van elkaar verschillen, is een grensoverschrijdende uitwisseling noodzakelijk, om geen potentieel te verliezen of kansen niet te benutten” gaf Dr. Elisabeth Schwenzow, directeur van de EUREGIO, aan. “Een goed voorbeeld hiervan is het industrieterrein Gaxel tussen Vreden en Winterswijk, waarvoor de opdracht is gegeven een onderzoek naar een grensoverschrijdend energieconcept uit te voeren”, vult Schwenzow aan.

Ook wat betreft subsidieprogramma´s zijn er verschillen tussen beide landen zichtbaar. Particulieren in Duitsland worden structureel door de Erneuerbare-Energien-Gesetz (EEG) voor het opwekken van groene stroom ondersteund. Zij krijgen een vergoeding voor hun opgeslagen stroom in het stroomnet. In Nederland zijn subsidies vooral gericht op het bedrijfsleven. Bedrijven krijgen belastingvoordelen bij hun investeringen. In beide landen worden burgerinitiatieven en energiecoöperaties gesubsidieerd. Dit geeft burgers de mogelijkheid om actief aan de transitie naar duurzame energie en klimaatbescherming mee te werken. Zo ontstaan er installaties om duurzame energie op te weken, zoals wind- en zonneparken of biogasinstallaties, die door burgers gefinancierd en beheerd worden. Terwijl in Nederland de investering van een dergelijke installatie gesubsidieerd wordt, krijgen energiecoöperaties in Duitsland een vergoeding voor hun opgeslagen stroom.

Het project „KlimaEnergie2020“ wordt in het kader van het INTERREG IV A-programma Duitsland-Nederland door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO), de provincies Overijssel en Gelderland en de ministeries van Economische Zaken van Nordrhein-Westfalen en Niedersachsen medegefinancierd. De begeleiding gebeurt door het programmamanagement van de EUREGIO.

Het verslag “Energieneutraal Saerbeck zeer inspirerend voor Gelderse energie-initiatieven” vind u hier.